Regionale Studieclubs in ons land vormen tezamen de SCS. Zij
wordt gevormd door een groot aantal leden, die uit alle lagen van de
schildersbedrijfstak afkomstig zijn. De SCS beperkt zich niet tot de
uitvoerend schilder, maar kent onder haar leden ook werkgevers,
bedrijfsleiders, uitvoerders, docenten, consulenten, medewerkers
binnen de verfindustrie, medewerkers vanuit de opdrachtgevers,
adviesbureaus en nog vele anderen.
De SCS is al sinds 1947 actief en heeft daarmee haar bestaanswijze ook bewezen. Door de jaren heen heeft zij open gestaan voor jong en oud die maar iets te maken hebben met de schildersbedrijfstak. Diegenen die ook maar iets te maken hebben met de schildersbedrijfstak en nog geen lid zijn, worden dan ook van harte uitgenodigd dit te doen.
De SCS streeft er naar om middels bijeenkomsten en vakwedstrijden de deskundigheid van de bedrijfstakmedewerkers te vergroten en de onderlinge contacten te stimuleren.
De regionale studieclubs functioneren als autonome groepen. Zij onderhouden in hun eigen regio contacten met bedrijven, medewerkers, scholen, leveranciers en andere indirect betrokkenen. De clubs zijn aangesloten bij het overkoepelend orgaan de Centrale Club Leiding (de CCL), en vormt het dagelijks bestuur. De CCL is het bindend element tussen de verschillende clubs. Zij adviseert, stimuleert, en organiseert de jaarlijks te houden reünie en de SCS-vakwedstrijd. Deze laatste activiteiten vinden jaarlijks plaats in samenwerking met een van de clubs.
Elke studieclub stelt jaarlijks zijn eigen programma samen. Dit
programma is gebaseerd op de wensen van de eigen clubleden. Wel
worden de jaarlijkse programma's onderling uitgewisseld, zodat
onderlinge afstemming wordt gestimuleerd. De programma's worden
gepubliceerd in de vakbladen, zoals: Eisma's Schildersblad, de
Infokrant van het Hoofdbedrijfschap Afbouw en Onderhoud, Fosag
Actueel, Periodiek, het huisorgaan van de oudleerlingen vereniging
van het NIMETO en de Schildersvakkrant.
Elk lid heeft het
recht om bepaalde onderwerpen aan de orde te stellen. Meestal
betekent dit dat een bepaalde deskundige of een organisatie wordt
uitgenodigd om een presentatie en/of een demonstratie te verzorgen.
Niet zelden wordt ook een excursie georganiseerd. Soms ook worden
wensen omgezet in de organisatie van bepaalde workshops en/of
cursusactiviteiten. De toegevoegde waarde is zowel op het
persoonlijke vlak als op het bedrijfsniveau van grote betekenis.
Kennismaking met andere facetten van het vak leidt veelal tot
verdere studieactiviteiten.
Een belangrijke bijkomstigheid is
ook de netwerkvorming, die ontstaat binnen het clubverband van de
SCS. Leden leren elkaar kennen en komen mede-clubleden in de
werksituatie opnieuw weer tegen. Op deze wijze creëren clubgenoten
in de werksituatie een extra band.